De verwevenheid van cyberpesten en klassiek pesten

Artikel
Auteur(s): 
Denis Wegge - UA - MIOS

Cyberpesten onderscheidt zich van klassiek pesten omdat de kwetsende acties worden uitgevoerd via allerlei elektronische toepassingen. Het gebruik van technologie leidt er toe dat jongeren zich minder geremd voelen om te gaan pesten. Ondanks dit verschil, blijkt uit onderzoek dat er toch een opmerkelijke overlapping bestaat tussen klassiek pesten en digitaal pesten. Deze overlapping komt grotendeels voort uit de sterke verwevenheid tussen daderschaps- en slachtofferschapsrollen bij beide vormen van pesten. Personen die betrokken zijn bij klassiek pesten zijn namelijk vaker ook slachtoffer of dader van cyberpesten.

Offline en online: de rollen worden verdergezet

Als we nagaan wie de slachtoffers en daders van cyberpesten zijn, dan blijkt betrokkenheid bij klassiek pesten een belangrijke rol te spelen. Een aanzienlijk deel van de jongeren die worden gecyberpest, is ook in de offline context het doelwit van pesten. Uit Amerikaans onderzoek kan worden afgeleid dat zes op tien slachtoffers van cyberpesten ook klassiek worden gepest. Deze overlapping vinden we ook terug bij Vlaamse adolescenten, net als bij jongeren uit meerdere andere landen. Voor daderschap zijn de bevindingen gelijklopend. Onder daders van cyberpesten, vinden we relatief veel daders van klassiek pesten.  In voorgaand Amerikaans onderzoek is meer dan drie op vier daders van cyberpesten ook dader van klassiek pesten.

De verwevenheid tussen de daderschap- en slachtofferschaprollen bij cyberpesten en klassiek pesten hoeft niet te verbazen. Het overgrote deel van de adolescenten zet hun dagdagelijks offline sociale leven immers naadloos verder via het internet en de gsm (bv. na schooltijd). Pesterijen op school kunnen dus ook na schooltijd doorgaan door middel van elektronische communicatie. Een grootschalige studie in Finland bevestigde de samenhang tussen klassiek pesten en cyberpesten doorheen de tijd. Er werd aangetoond dat slachtoffers vaak eerst in het offline leven gepest werden en dat ze daarna ook betrokken raakten bij allerlei andere vormen, waaronder ook cyberpesten. Onderzoek wijst uit dat in veel gevallen inderdaad de dader van cyberpesten een bekende blijkt te zijn, afkomstig uit de directe omgeving van het slachtoffer. Meestal gaat het om schoolgenoten, zoals aangetoond werd in onderzoek uit de V.S. Dat cyberpesten een echte uitbreiding is van klassiek pesten blijkt ook uit een studie naar de sociale netwerken waarvan daders en slachtoffers deel uitmaken. In een Vlaamse onderzoek werden de verschillende pest-interacties binnen een schoolcontext onderzocht (zie onderstaande figuur). In de meerderheid van de gevallen werden leerlingen gecyberpest door schoolgenoten die hen ook klassiek pestten (dit wordt weergegeven aan de hand van de vette zwarte pijlen in de figuur). In een minderheid van de gevallen gebeurde het cyberpesten door andere leerlingen (de blauwe pijlen). Dezelfde patronen van pesterijen uit de schoolcontext vinden we dus grotendeels terug bij cyberpesten.

Figuur: Wie pest wie in een middelbare school?

Nota: De pijlen wijzen van slachtoffers naar daders van pesten. Pijlen met stippellijn duiden op klassiek pesten, blauwe pijlen wijzen op cyberpesten, en vette pijlen wijzen op klassiek pesten én cyberpesten.

Revenge of the nerds?

Cyberpesten kan een uitbreiding zijn van klassiek pesten, maar kan het ook gebruikt worden om online “wraak” te nemen? Aanvankelijk werd het idee geopperd dat slachtoffers van klassiek pesten via het internet wraak zouden kunnen nemen op de dader van klassiek pesten. Cyberpesten kan namelijk anoniem, en de dader hoeft niet noodzakelijk groter of sterker te zijn (zie bijvoorbeeld dit boek voor een beknopt overzicht van deze aspecten). Het idee dat online wraak wordt genomen door jongeren die in de dagelijkse wereld zwakker staan, wordt soms bestempeld als “revenge of the nerds”.

In de praktijk is er echter weinig steun voor deze hypothese. Ter illustratie: een Amerikaans onderzoek bij 4 531 adolescenten toonde aan dat slachtofferschap van klassiek pesten maar in zeer beperkte mate leidt tot daderschap van cyberpesten. In vergelijking is er een veel sterker verband tussen gecyberpest worden en zelf cyberpesten, eveneens als tussen  gecyberpest worden en klassiek gepest worden. Dit resultaat wordt bevestigd in de Vlaamse studie naar pestnetwerken: als alle pest-interacties tussen leerlingen in kaart worden gebracht, dan is er geen sprake meer van “online wraak nemen”.

Unieke factoren bij cyberpesten

Uit de voorgaande onderzoeken blijkt dus dat leerlingen die betrokken zijn bij klassiek pesten meer kans hebben om dezelfde rol te vervullen bij cyberpesten. Toch zijn niet alle slachtoffers van klassiek pesten slachtoffer van cyberpesten, en ook worden niet alle slachtoffers van cyberpesten eveneens klassiek gepest. Er is, met ander woorden, geen 1-op-1 relatie tussen deze types van pesten. Dat laatste bleek ook al uit de vaststelling dat cyberpesten bij jongeren minder courant is dan klassiek pesten. Een bepaalde subgroep van jongeren is dus méér kwetsbaar voor elektronische vormen van pesten.

Voorspellende factoren van cyberpestgedrag bij jongeren

Onderzoek identificeerde een aantal risicofactoren die uniek zijn voor cyberpesten. Deze hebben vooral te maken met de hoeveelheid internetgebruik, het soort gedrag dat online wordt gesteld, en de controle op het internetgebruik. Een studie in 25 Europese landen toonde aan dat de kans op betrokkenheid bij cyberpesten vergroot naarmate jongeren meer tijd doorbrengen op het internet. Deze bevinding ligt in lijn met eerdere onderzoeken, waaruit  de impact van veelvuldig gsm- en internetgebruik blijkt (waaronder ook een studie in België) Een andere factor die betrokkenheid bij cyberpesten vergroot is het nemen van online risico’s. De online risico’s waarvan de impact op cyberpesten werd aangetoond omvatten onder andere:  persoonlijke informatie posten, nieuwe vrienden zoeken op het internet, zich voordoen als iemand anders, doorgeven van paswoorden, en chatten in publieke chatruimten. Naast de frequentie van het ICT-gebruik en het soort gedrag speelt ook de context van het gebruik een rol. Cyberpesten komt minder vaak voor naarmate ouders meer toezicht houden op het internetgebruik van jongeren, bijvoorbeeld door de jongeren te volgen in de online activiteiten die ze uitvoeren.

Besluitend kunnen we stellen dat cyberpesten een duidelijke relatie vertoont met klassiek pesten. Tot op zeker niveau hangen deze twee vormen van pesten samen. Vaak worden daarbij klassieke pestinteracties in de online context verdergezet. Toch zijn er ook unieke technologische kenmerken van cyberpesten die een invloed hebben op de profielen van daders en slachtoffers. Betrokkenen bij cyberpesten zijn vaker actief op het internet en met de gsm en zoeken er frequenter risicovolle contacten op. Deze bevindingen ondersteunen de noodzaak om onderzoek te doen naar cyberpesten die zowel gericht is op de relatie met klassiek pesten (bijvoorbeeld in een schoolcontext) als de specifieke technologische aspecten.

 

Lees meer over